Het idee klonk heel aannemelijk. U berekent het werkelijke rendement over uw vermogen. Vervolgens trekt u daar het wettelijke heffingvrije vermogen vanaf om de uiteindelijke belastbare grondslag te verlagen. Veel belastingbetalers pasten deze logica toe in hun aangifte. Toch gaat die vlieger niet op.
De Rechtbank Zeeland-West-Brabant heeft namelijk geoordeeld dat dit niet mag. Bij het bepalen van het werkelijke rendement moet u uitgaan van de volledige heffingsgrondslag. Dus de totale waarde, zonder dat u daar eerst het heffingvrije vermogen vanaf trekt. Dit is een flinke streep door de rekening. De rechter is hierin heel helder. Het heffingvrij vermogen is een vast onderdeel van de forfaitaire rekenmethode. Kiest u voor de route van het werkelijke rendement? Dan stapt u in feite over naar een heel andere systematiek. U kunt de voordelige elementen van beide methodes niet zomaar met elkaar mengen. Het is de ene route, of de andere.
Voor veel mensen met privévermogen of spaartegoeden betekent dit extra rekenwerk. De werkelijke rendementsberekening luistert nauw. Een kleine inschattingsfout leidt al snel tot een correctie en een onverwachte naheffing van de Belastingdienst. Rust en overzicht in uw administratie zijn hierom onmisbaar.
Tip
Zorg dat u bij de berekening van uw werkelijke rendement alle inkomsten en kosten waterdicht vastlegt. Ga er niet automatisch vanuit dat u het heffingvrije vermogen als extra demper op uw werkelijke rendement kunt gebruiken. Laat de berekening vooraf controleren om naheffingen te voorkomen.
Altijd Dichtbij!
Vraagt u zich af welke rekenmethode voor uw Box 3-vermogen dit jaar het meest gunstig uitpakt? Of wilt u dat wij uw berekeningen kritisch tegen het licht houden? Onze specialisten helpen u graag om grip te krijgen op uw fiscale situatie. Neem gerust contact met ons op voor een persoonlijk gesprek, of bekijk onze diensten direct op onze expertise-pagina.